|










| |
<<<
terug
|
Voor elke maand van het
jaar schrijft
Lute R. Bouwer
allerlei leuke wetenswaardigheden. |
|
INDEX:
[januari] [februari]
[maart] [april] [mei]
[juni] [juli] [augustus]
[september] [oktober]
[november] [december]
|
 | Ons
weerbericht
Het weer
Vandaag aan de dag is het eenvoudig om aan de meest recente
weersvoorspellingen te komen: radio, tv, krant, weertelefoon (al of
niet mobiel) enz.
Op elk moment kun je dan ook aan de laatste voorspellingen komen.
Vooral op het platteland wordt het leven beheerst door het weer.
Boeren en tuinders zijn er van afhankelijk en vele andere “groen
beroepen” hebben er
direct mee te maken. Iedereen praat ook over het weer: “Morgen, mooi
weer vandaag hè?” of “Wat
is’t toch snertweer vandaag.”
Vroeger
Vroeger ging het anders, alhoewel veel veldmensen tegenwoordig soms
nog aardig goed
kunnen
voorspellen, gebaseerd op dieren, vaste weergegevens van honderden
jaren her (uit overlevering). Men was al heel vroeg op zoek naar iets
om het weer enigszins te voorspellen. Barometers waren nog onbekend,
maar de geschiedenis wijst uit, dat al sinds 1500 begin 1600 wordt
gesproken over een soort weervoorspeller. Het zou een Nederlander
geweest zijn, ene De
Donckere
Zoekwoord
“weerglas” via Google levert interessante informatie!
Hiermee zou men hebben kunnen zien of het weer beter of slechter zou
worden. Men was al tot de ontdekking gekomen, dat bij slecht weer de
luchtdruk daalde en bij mooi weer de luchtdruk steeg. De barometer
werkt op dezelfde manier en als ik naar mezelf kijk dan zijn spieren
en gewrichten ook aardige graadmeters.
INDEX ^
|
|
 |
Januari
Januari, ook wel louwmaand, wolfsmaand, hardmaand of ijsmaand genoemd.
(huiden van in november geslachte dieren worden in januari geprepareerd)
De louw- of looimaand had dus duidelijk te maken met leerlooien en in de
winter kwamen de wolven dichter bij de huizen.
(tot 1875 liepen kwamen in onze omgeving nog wolven voor).
De Romeinse God van deuren en poorten en van alle begin stond model voor
deze maand. Julius Caesar was in 46 v. Chr. de grondlegger van onze
kalender,
later nog wat aangepast door St. Gregorius.
In boerengezinnen werden vaak kinderen geboren in januari. Dat had
duidelijk
te maken met de seizoenstart in mei. Landhuren, boerderijen,
arbeidscontracten
gingen allemaal op 1 mei in. Dan was er wat te vieren, vandaar.
In het verre verleden had 90% van de mensen een agrarisch bestaan.
Een jaar bestaat uit 31536000 seconden en dan is er nog 1 schrikkeljaar
over.
Astrofysici willen de seconde 131536000 ste langer maken, want in het
atoomtijdperk moet immers alles precies kloppen.
Over dit probleem zal dan ook nog door honderden mensen vergaderd moeten
worden, voordat het ingevoerd wordt. Nou, ze doen maar . . .
Enige spreuken over de maand januari:
-Knapt januari van de kou, ziet men de oogsttijd rouw.
-Sint Petrus z’n steeltje koud, wordt 14 dagen oud (17 januari).
-Draagt januari een sneeuwwit kleed, wordt de zomer heet.
-Januari zonder regen is voor de boerenstand een zegen.
-Geeft januari een sneeuwtapijt, zijn we gauw de winter kwijt.
Wat zeggen de dieren:
-een roepende uil op het dak geeft koude benen (er komt koud weer).
-Als de watersnip (weerlaampien) mekkert krijg je slecht weer.
-Als de wulpen goelen staan d’morgen poelen.
Algemene weerswijsheden:
Een kring om de zon huilen vrouw en kinderen om. |
INDEX
^ |
 |
Februari
Februarimaand, sprokkelmaand.
De schrikkel-, snoei- of sprokkelmaand is de kortste maand van het jaar.
Het was in zuidelijke landen de snoeimaand voor de wijngaarden. Hier
snoeit men trouwens ook het liefst in februari. Een korte maand met een
extra schrikkeldag eens in de vier jaar (een dag extra). Dit is al zo
sinds
de kalenderhervorming van Julius Caesar die in 46 v. Chr. keizer was.
De maand met de koudste nachten.
De slagzin “Als de dagen gaan lengen, gaan de vorsten strengen” gaat
voor februari maar al te vaak op! Toch kan het in februari ook erg
ontstuimig zijn want veel beruchte stormen vonden in de maand februari
plaats (bijv. 1825). De topmaand voor storm is overigens november.
Enige weerspreuken van februari:
-Sprokkelmaands regen is grasmaands zegen.
-Als in februari de muggen zwermen moet ge in maart uw oren wermen.
-Lichtmis in donker maakt de boer tot jonker.
-Februari muggendans, geeft voor maart een slechte kans.
-In februari ziet de boer liever een hongerige wolf dan een man in
hemdsmouwen.
Wat zeggen de dieren:
In dit geval de dieren die met een “m” beginnen:
-Zijn er eind december veel mollen, dan laat de winter met zich sollen.
-Als mollen wroeten, krijg je regen.
-Meeuwen aan land, storm voor de hand.
-Zeevogels hoge boven de wal horen in de verte de stormwind al.
-Komt van het land een veldmuis, draagt dan turf en hout in huis.
-Een meikever jaar is een goed jaar
(engerlingen kun je vinden bij het tuinwerk, dikke, vette, geelwitte
wormen)
Algemene weerswijsheden:
De Enkhuizer Almanak is al zeker 100 jaar een weersvoorspeller,
gebaseerd op het
in de 20-er jaren ontwikkelde principe van zgn. “omkeerdagen”
voor landen met
een zeeklimaat tussen de 52e en 54e breedtegraad. De
voorspellingen werden
gemaakt op basis van maanstanden, zonnehoogten, zonnekracht, zonnevlekken
en
de gemiddelde temperaturen. De redactie van de Almanak kon putten uit een
archief
van 100 jaar weeroverzichten.
Nou ben ik niet opgevoed met de Almanak, maar ik hoor een boer uit het
waterland nog zo zeggen:
“Ik zorge maar dak de boel gauw aan de
kaante ebbe,
want de Almanak veurspelt niet veule goeds.”
De Almanak zegt zelf dat ze een juistheidspercentage hebben van
70-80%.
Maar er bestaat ook een rijmpje:
Almanak, leugenzak
Komt van de Delft,
liegt de helft.
Komt van Aalsmeer,
liegt nog veel meer.
Komt van de Dordt,
liegt dat ie zwart wordt.
Komt van Zwartewaal,
liegt ’t allemaal. |
INDEX ^ |
 |
Maart
Maart,
ook wel genoemd de lentemaand, windmaand.
Maart is volgens de Romeinse kalender
de eerste maand van het jaar,
maar volgens de Juliaanse kalender de derde maand van het jaar
en
telt 31 dagen.
Deze derde maand van ook de Gregoriaanse kalender was voor de
Romeinen
een goede maand om een oorlog te beginnen. De maand is dan ook genoemd
naar Mars, de Romeinse god van de oorlog. Maart of Martus was dus bij
onze
Romeinen de eerste maand van het jaar. Een maand met vaak veel
ontstuimig
weer en een maand waar het in het verleden de elf (=grote vis) de
rivieren (o.a. de Linde) op kwam
zwemmen om daar te paaien en kuit te schieten. je kon hem dan
makkelijk vangen.
Maart is de naamdag van Sint Gregorius (12 maart). Waar de wind die
dag staat,
daar blijft
hij tot de langste dag. En vijf dagen later op Sint Geertruid dan
legt
de kievit z’n eerste
ei (17 maart).
Enige spreuken van de maand maart:
-februari met veel sneeuw, een droge maart een een natte april,
voorspellen
een goed jaar.
-lentemaands ruwheid geeft zomermaands luwheid.
-niet te droog, niet te nat, dan vult maart een duchtig vat.
-danst het lammetje in maart, april pakt het bij de staart.
-brengt maart storm en wind, de sikkel is de boer gezind.
-donder in maart, vorst in april, is de boeren hunnen wil.
-zo menig vorst in maart, zo menig dauw in april.
-vochtige maart, de boeren smarten baart.
-een natte maart, is niks waard.
Wat zeggen de dieren?
De zwaluw:
-één zwaluw brengt nog geen zomer.
-één zwaluw in de lucht brengt nog geen zomer.
-als de zwaluwen hoog vliegen komt er vochtig weer.
(met
droge lucht vliegen de insecten hoog en
Algemene weerswijsheden:
“een kringe om de moane zal nog goan, een kringe om de zunne,
lip’n vrouw en kienders omme”.
of:
“kring om de zon, water in de ton”.
Deze uitspraak klopt altijd. Dit is een gevolg van en kleurrijke
lichtbreking in de
hoge sluierbewolking. Boven de tien kilometer is de temeratuur
namelijk
beneden nul, dus daar vriest het altijd. Depressies worden altijd
vooraf gegaan door
ijle bewolking, bestaande uit ijskristallen en daar schijnt dan de zon
tegenaan, met
bovengenoemd kleurrijk effect.
Binnen 24 uur gaat het dan regenen.
Dit is dus typisch een op ervaring gebaseerde weersverwachting. |
INDEX ^ |
 |
April
April, grasmaand, paasmaand, of kiemmaand genoemd.
De maand april begint met dezelfde dag van de week als januari in de
schrikkeljaren.
April is ook de maand van paasvuren, een schitterend gebruik wat nog
steeds in ere
wordt gehouden op het platteland (zie Wold II). Vroeg in het voorjaar
wordt al
begonnen met het verzamelen van takken en ander brandbaar materiaal,
wat
trouwens tegenwoordig aan strenge regels gebonden is.
Het oude Germaanse feest was volgens hen gewijd aan Ostra,
de godin van licht,
liefde en leven. Naar haar draagt Pasen bij onze Duitse buren nog de
naam “Ostern”.
Op ’t feest ter ere van Ostra worden vuren gebrand en ouden en
jongen dansten
er om heen,
onder het zingen van vreugdeliederen.
Hoewel evenzeer de mening toegedaan is, dat de paasvuren uit de
heidense tijd
stammen, zijn ze volgens sommigen nog een schaduwachtig
overblijfsel van het
Odinfeest, dat in de aanvang van de lente gevierd werd,
om de goden gunstig te stemmen.
De meningen lopen dus nogal wat uiteen. Over de betekenis en de
oorsprong der
paasvuren is men het nog niet helemaal eens. Sommigen houden het voor
een
zinnebeeld van het reinigingsfeest der Israëlieten, die tegen Pasen
zoveel mogelijk
alles opruimen, schoonmaken en vernieuwen. Anderen
beschouwen het als een vreugdevuur, door de Christenen ontstoken ter
herinnering aan de opstanding van
Jezus Christus de gekruisigde.
Nog weer anderen achten het een overblijfsel uit de heidense
tijd.
Zij menen er een feestelijke plechtigheid in te herkennen ter ere van
de
terugkerende lente.
Als je vroeger leed in je leven had, schreef je dat op een briefje en
gooide je dat
in het paasvuur om te verbranden. “Ze
schreem’n dat op een kladdegien”.
Men hoopte zo dat het leed dan verdween!
Enige spreuken van de maand april:
-april veel regen brengt grote zegen, aprilvlokjes brengen meiklokjes
-de heren en aprillen bedriegen wie ze willen
-de vrouwen en aprillen, ze hebben beide hun grillen
-al doet april ons mooi weer aanschouwen, ’t is evenals fortuin,
we
kunnen hem niet vertrouwen
-het groen des velds het oog bekoort,
doch
zelden houdt april haar woord!
Wat zeggen de dieren, in dit geval de slak, snoek en spin:
-Als slakken en padden kruipen, dan zal het spoedig druipen.
-Heeft een slak een hooitje op de staart, dan komt er goed weer,
bij
modder en zand, slecht weer.
-Als een snoek naar de bodem zakt is het zeker dat hij regen pakt.
-Maakt de spin in het web een scheur,
dan
klopt weldra stormwind aan de deur.
-Als de spin z’n web op een middag maakt,
heeft
de zon de nieuwe dag al geraakt. |
INDEX ^ |
 |
Mei
Meimaand, oftewel bloeimaand, weidemaand.
De maand mei is de maand van de heiligen. In de periode 11 t/m 14 mei
bepalen Marmatius, Pancratius, Servatius (Servaas) en Bonifatius van
oudsher het weer. Koud weer, harde wind en
regen.
In feite zijn het de grillige luchtstromingen boven West-Europa die
bepalen of de
gevreesde koude invallen (met nachtvorst) zullen voorkomen. Wanneer
precies is moeilijk te voorzien. Soms komen de nachtvorsten nog na de
langste dag in juni voor.
In onze laagveen polders kunnen dan de aardappelen nog tot de grond
toe af vriezen en dat is schade
voor de boer.
Ja, de ijsheiligen kunnen er wat van.
Mei is de mooiste maand van het jaar: mooi uitlopende natuur met jong
vers groen, bloemen, vogels
en mooie schone luchten.
Enige weerspreuken over mei:
-Mei aoren, Sint Job koren (korenarm
op 25 juli)
-Mei – meikever jaar, goed jaar.
-Als de meie is in ’t laand, heurt de schoonmaek an de kaant.
-Uut en gedurig is de meimaand wispelturig.
-In mei een warme regen betekent vruchtenzegen.
-Onweer in mei maakt de boeren blij.
-Als het onweert in mei, valt er vaak hagel bij.
-Is mei nat, een droge juni volgt zijn pad.
-Een koude mei, een gouden mei.
Wat zeggen de dieren:
In dit geval de lijster, leeuwerik, eend en gans:
-Als de lijster (merel) zingt in mei komt er regen
-Als je een leeuwerik voor lichtmis (2 februari) omhoog ziet gaan,
dan
is het mooie weer gedaan.
-Wanneer de leeuwerik hoog in de lucht zingt, zo brengt het ons mooi
weer.
-Kom je duikende ganzen tegen, dan is er kans op regen.
-Plonst en duikt eend en gans, dan is er voor de regen kans.
-Trekken de ganzen in V-vorm naar het zuiden, dan komt er vorst,
trekken
ze naar het noorden, dan is daar de vorst voorbij.
-Duikt en snatert de gans, dan is voor regen geen kans. |
INDEX ^ |
 |
Juni
Juni, braakmaand, zomermaand en ook wel weidemaand genoemd.
De maand juni kent een aantal belangrijke hoogtepunten zoals de
“schaapscheerderkou”, de
langste dag en de kortste dag, de Sint Jansnacht.
De koude periode zo rond 24 juni noemt men de
“schaapscheerderkou”. Dat was een periode van koud weer die volgde
op zomerse dagen. Een soort proefzomertje zou je kunnen zeggen.
In die periode deed de schaapscheerder zijn werk en werden de
schapen ontdaan van
hun wol.
In de Sint Jansnacht op 24 juni werd de wichelroede gesneden uit een
tak van de hazelaar, een struik die al 10.000 jaren bekend is in deze
contreien. De wichelroede was voor de
mensen toen een middel van onschatbare waarde om misdadigers te
ontmaskeren of om de kwade hand te weren.
Ook werden er waterbronnen, schatten en goudaders mee
opgespoord.
De zomermaand is de zesde maand in de Gregoriaanse kalender. De maand
is genoemd naar de Romeinse godin Juno, de vrouw van Jupiter, met de
bekende sterrenbeelden Tweelingen en Kreeft.
Enkele weerspreuken van juni:
-In juni regen, voorspelt een grote zegen.
-In juni nat en koud, meest het hele jaar ellende brouwt.
-Als het regent met Barnabas (11juni), zwemt de oogst in een
winterplas.
-De regen van Sint Jan (24 juni), de oogst bederven kan.
-Regent het op Sint Jan (24 juni), het regent veertien dagen lang.
-Hege daegen, hege winden.
Wat zeggen de dieren?
(paard, specht, spreeuw en schaap)
-Zolang het paard regelmatig op z'n rug ligt, klaart de lucht niet op.
-Als de specht roept: “giet, giet”, bedriegt hij u niet. |
INDEX ^ |
 |
Juli
De hooi- of oogstmaand juli is genoemd naar Julius Caesar, de bekende
Romeinse
krijgsheer en keizer, die in 84 na Chr. overleed.
Onze voorouders pinden de weersvoorspellingen vaak vast op heiligen.
Zo’n 30 heiligen hebben allemaal een speciale weerdag, alwaar hun
naam aan
verbonden is. Als
ouderen het over “Pissende Griete” hebben, is dat afkomstig
van Sint Margriet op
20 juli. Ook de ijsheiligen Marmatius, Poncritus, Servatius en
Bonifatius (11,
12, 13 en 14 mei) kun je maar beter goed in de gaten houden
vanwege de nachtvorsten.
Trouwens ook stormvloeden in deze regio werden op
die manier vernoemd,
zoals de Sint Elisabethvloed (1404, 1421, 1424, Allerheiligenvloeden,
waarvan er wel
zeven bekend zijn. Sint Marcallusvloed (1219)
Zie boek “Giethoorn” en “Langs de Diek”.
Allemaal wel een teken dat er grote voorspellingszekerheid in zat. Als
we het
dus over “Pissende Griete” hebben dan is dat regen, een plassende
Sint Margriet.
De weerswijsheden van juli:
De maandag van Sint Margriet (20 juli) is heel belangrijk; het gaat om
wel of geen
zomer en niet alleen voor onze lage landen, maar ook voor Frankrijk:
Guand il pleut à St. Marguérite, il pleut quarante,
il pleut quarante jours de suite,
mais quant il pleut à St. Médard, il pleut, quarante jours plus
tard.
De Nederlander is toch wel wat optimistischer dan de
Fransman want wij zeggen:
Regent het op Sint Margriet, dan hebben wij zes weken een natte tied.
Is het op Sinte Margriet droog, zes weken zon in het oog.
Juli zonnebrand, wenst de man op ’t land.
Slechts in juli-gloed
wordt vrucht en wijn eerst goed
Is de eerste juli regelmatig
gans de maand is twijfelachtig.
Brengt juli hete gloed
zo gedijt september goed.
Wat zeggen de dieren (niet alleen voor juli):
Als de koekoek roept op Sint Margriet,
vertrouw het weer dan maar niet.
De koekoek roept om regen.
Kraaien in de hooibulten, dat is regen.
Wanneer zwarte kraaien in de uiterste toppen van de bomen met de kop
in de wind zitten dan komt er zeker sneeuw.
Bij een grijze kraai op de akker komt er sneeuw.
Een kraai in het waterbad, morgen is de wereld nat.
Eén grijze kraai maakt nog geen winter.
Algemene weerswijsheden:
Een regenboog in de vroege morgen baart de wakkere boer veel zorgen.
Een regenboog ’s namiddags laat, hoe blijde hij ter ruste gaat.
Na regen komt zonneschijn.
Is de hemel al te blauw, spoedig wordt hij dan weer grauw.
|
INDEX ^ |
 |
Augustus
Augustus wordt ook wel de oogstmaand genoemd.
In augustus spelen de hondsdagen een centrale rol. Wij zeggen in onze
streektaal:
“Oons- en kattedeagen”. De
hondsdagen zijn dan wanneer de hondster Sirius
tegelijk opkomt
met de zon. Volgens oud Nederlandse Almanakken is dit van
19 juli tot 18 augustus.
Hoe het kan dat weet ik niet, maar in andere landen zijn dit andere
tijdvakken:
Duitsland bijvoorbeeld van 23 juli tot 23 augustus en Engeland
van
3 juli tot 11 augustus.
Doorgaans zijn deze dagen meestal het warmst van het jaar.
Nog een verklaring voor “Oonsdagen”: in deze periode kon men het
eten niet
goed bewaren en men gaf het restant van de maaltijd dan maar aan de
hond,
vandaar de uitdrukking
“hondsdagen”.
Enige weerspreuken:
-Hondsdagen helder en klaar geven een goed jaar
-Wat in augustus niet kookt, laat september ongebraden
-Is het warm en voorspoedig weer, dan brengt augustus de eerste peer
-Die op tijd rapen wil eten, moet St. Laurens (10 aug.) niet vergeten
-De eerste oogstweek (aug.) die is beet, een lang winter staat gereed
-Oogstmaand, vaak een bron van zegen, stemt allen tot dankbaarheid
-Weet: zonneschijn volgt op regen en zegen volgt op noeste vlijt.
Wat zeggen de dieren:
Zo’n vijftig dieren heb je nodig voor het maken van een
weerbericht,
deze keer komen de muggen
aan de beurt:
-Als in februari de muggen zwermen, moet ge in maart uw oren wermen.
-Februari muggendans, geeft voor maart een slechte kans.
-Blazen de muggen in februari alarm, houdt in maart uw oren werm.
-Pissende muggen (=motregen, lichte regen).
-Muggen laat in de herfst, geen winterse last.
-Als de muggen dansen, houdt het op met regenen.
Algemene wijsheden:
-Een zonnige herfst, een korte winter
-Onweer op kale bomen, daar wil nog wel eens kou op komen.
-Mist brengt vorst in de kist.
-Gras komt en gaat met onweer.
-Regen in de morgen, middag zonder zorgen. |
INDEX ^ |
 |
September
September noemt men ook wel de houtmaand.
De volksweerkunde maakt o.a. gebruik van zo’n 50 dieren, zoals
honden, katten, vogels, vissen,
kikkers enz. enz. bij het samenstellen van de voorspelling.
Dieren zijn evenals sommige mensen gevoelig voor
luchtdrukveranderingen, temperatuurschommelingen, vochtigheid,
windrichting: “mien likdoorn steekt weer zo”
en bijv. “noorden wind-gevaarlijke wind” of
bepaalde reuma aanvallen.
Zo ook toenemende elektriciteit
in de atmosfeer.
Dieren kunnen natuurlijk niet zelf het weer voorspellen, maar weersvoorspellers
zien aan het gedrag van dieren, dat er weersveranderingen op komst
zijn.
Op het platteland maken de mensen daar vaak gebruik van,
bijvoorbeeld:
-Als de bijen naar huis vluchten, zit er regen in de luchten.
-Schijnt de zon met nieuwjaar erg helder en klaar,
dan
wordt het een goed bijenjaar.
-Gaan de bijen ’s morgens niet op de vlucht (=uitvliegen),
kijkt
de imker bezorgt naar de lucht (regen?)
-Zit er in de herfst (bijen)was in het vluchtgat van de (bijen)kast,
dan
gaat het in de winter stevig vriezen en snijen (=sneeuwen).
-Septemberregen op het zaad, komt het boerken wel te staat (Vlaams).
-Is het weder met Mattheus klaar (21 september),
voorspelt
goede oogst in het naaste jaar.
-Vallen de eikels voor Sint Michiel (29 september),
dan
snijdt de winter door lijf en ziel.
-Op een warme september volgt graag een regenachtige oktober.
Algemene wijsheden:
-Bij een mistige morgen wacht een mooie dag.
-Veel eikels, strenge vorst.
-Is de hemel al te blauw, spoedig wordt hij dan weer grauw.
INDEX ^ |
|
 |
Oktober
Oktober noemen we ook wel de wijn- of zaaimaand.
De juiste maan- en zonnestanden zijn van grote invloed op de opbrengst
van
gewassen. Daar waren onze voorouders al lang van overtuigt, maar de
huidige boeren en tuinders houden
het liever bij de moderne technieken.
Volgens onderzoekers
van Hogeschool Wageningen kun je ruim 12 procent graanopbrengst meer
behalen door de grond te bewerken tijdens de juiste maan- en
zonnestanden.
Trouwens bij het
zaaien van de gewassen was dit fenomeen vroeger al bekend.
Bij een grondbewerkingsverschil van slechts enkele dagen onderling
zijn er al grote
opbrengstverschillen. Er blijkt zelfs een negendaags ritme te bestaan.
Dit hangt allemaal samen met de omloop van de maan en de veranderende
zonnepositie. Dit onderzoeksresultaat is gebaseerd op een elf jaars
veldonderzoek.
Bij de juiste toepassing zou de aardappelziekte pytophtora,
schimmelziekte in prei, uien en insekten aantastingen voorkomen kunnen
worden.
Een vroege zonperiode in combinatie met een juiste maanfase zou
opbrengstwonderen kunnen verrichten. Er
is dus in de landbouw nog heel wat te leren, zou je zeggen.
Als de zon en maan al zoveel invloed hebben op planten, hoeveel
invloed zouden deze hemellichamen
dan wel niet hebben op de mens?
Oktober
wijn- of zaaimaand:
Het wintergraan (rogge, tarwe, gerst) moet al ruim voor de winter
gezaaid zijn. Het graan heeft dan minder last van uitvriezen. Bij het
opvriezen van de bodem wordt de grond naar boven gedrukt en kan het
graanplantje beschadigen of zelfs breken.. Is de plant eenmaal sterk
genoeg dan valt de schade vaak wel mee. Wanneer je vlak voor de vorst
zaait dan kan het ook wel goed gaan want dan staat het plantje in de
vorstkorst.
Enkele oktober weerspreuken:
-Brengt oktober vorst en sneeuw, men hoort des winters
klaaggeschreeuw.
-Met Sint Sevrien (23 oktober) zal men de eerste koude zien.
-Zijn Simon en Judas voorbij (28 oktober), is de winter zeer nabij.
-Een koude oktober, een zachte januari.
-Oktober geeft ons wijn en zonnige dagen, maar ook jicht en andere
plagen.
-Dan Sint Ursula, zoals het weer op haar naamdag is (21 oktober),
zo
zal het de hele winter zijn.
Wat zeggen de dieren:
-Een kat die z’n nagels scherpt, verwacht regen.
-Als de kat in januari in de zon ligt, ligt ze in februari achter de
kachel.
-Als de kat zich mooi maakt (wast), dan komt er ook echt mooi weer.
-Een kat die z’n vacht aflikt denkt al dat hij nat is (er komt
regen).
-Als een kat gras vreet, komt er slecht weer.
Algemene wijsheden:
-Als de zon steekt komt er regen.
-Bij een mistige morgen, een dag zonder zorgen.
-Veel eikels en kastanjes, strenge vorst op komst.
-Regen in de morgen, zeeman in de zorgen.
-De zon kruipt in het regennest. |
INDEX ^ |
 |
November
November noemen we ook wel slachtmaand of herfstmaand.
De maand november is goed bedeeld met aan het weer gerelateerde
heiligen:
Allerheiligen (1 nov.), Sint Maarten of Sinte Martinum (11 nov.),
Sint Andreas
(Andries) 30 nov. en Sint Elisabeth (vloeden) op 18 november.
Sint Maarten is verreweg de bekendste heilige. Het is het eerste feest
in het
kerkelijke jaar en altijd ook het belangrijkste volks- (vooral
kinder-) feest na het
Sinterklaasfeest. Onna,
Zuidveen en Muggenbeet.
(zie o.a. boeken van Lute Bouwer, Weydema en Bruinenberg).
Sint Maarten komt van Martinus van Tours, die leefde van 317 tot 397.
Hij was kloosterstichter, asceet en bisschop van Tours. Als 15-jarige
nam hij dienst in het
leger en
diende bij de ruiterij in Gallië.
Op een dag moest hij als soldaat bij de statspoorten van Amiëns wacht
lopen. Naar verluid heeft
hij daar de helft van z’n mantel aan een bedelaar afgestaan.
Tijdens de volgende nacht zou
hem Christus zijn verschenen.
Hij werd op 18-jarige leeftijd gedoopt en werd achtereenvolgens
geestelijke, kluizenaar en daarna in 371 bisschop.
Hij had veel volgelingen en kreeg het eerste Franse klooster in 361.
Later werd hij tot heilige verklaard.
Enige spreuken over deze maand:
-Met Allerheiligen (1 nov.) vochtig weer,
volgen
sneeuwbuien keer op keer.
-Brengt Sint Maarten (11 nov.) zonneschijn,
zal
’t een koude winter zijn.
-Sinte Martinum nog loof aan de bomen,
zo
moogt gij van een strenge winter dromen.
-Met Sint Katrijn (25 nov.) moeten de koeien aan de lijn.
Wat zeggen de dieren:
-Zijn de vliegen erg lastig, dan komt er slecht weer.
-De blinden (vliegen) steken, er komt onweer of regen.
-Vliegen de vleermuizen ’s avonds rond,
dan
komt er mooi weer in de vroege stond.
-In de morgen grauw, daags de luchten blauw.
-Met een hamerslag (=klein wolkje) aan de lucht krijg je mooi weer.
-Lekt
de schoorsteen roet, dan komt er nat weer.
Vliegen hebben altijd
een hekel aan de blauwe kleur.
In een blauw vertrek of stal ontdek je daarom zelden een vlieg.
Vroeger kalkten ze daarom in het voorjaar tijdens de schoonmaak
van de stal blauwsel op de muren. |
INDEX ^ |
 |
December
December, wintermaand, heiligenmaand.
De maand december staat bol van de folklore en diverse heidense en
christelijke gebruiken. Met
name tussen 21 december en 6 januari, de zogenaamde “twaalf
nachten”.
Zoals de Sint Thomas luiden op 21 december in Friesland dagenlang de
klokken.
Een oude gewoonte
om boze geesten te verdrijven die, naar men geloofde, twaalf nachten
vrij spel hadden om allerlei kattekwaad uit te halen.
En wat denkt u van het midwinterhoorn blazen voornamelijk in Twente.
Ook een heidens gebruik
om met een wel twee meter lange (alpen)hoorn boze geesten weg te
jagen. Het knallen en vuurwerk tijdens de jaarwisseling heeft
eigenlijk hetzelfde doel.
Klokken waren oorspronkelijk bedoeld als geestenbezweerders om de
lucht te zuiveren en
het nieuwe jaar schoon te houden
Klokken zijn door het Christendom al eeuwen nu
de klokken die de mensen opriepen om naar de kerk te komen om daar het
woord van den Heer
aan te horen.
Zelfs de kerstboom brengen sommigen in verband met een heidens
gebruik, een boomcultus van de oude Germanen. Maar bij de Christenen
staat hij voor nieuw leven, dat door Christus in de wereld werd
gebracht.
Al in de 16e eeuw had Luther een kerstboom in z’n
huiskamer staan.
Na de Reformatie wilden de kerken geen kerstbomen planten, want
Calvijn was daar op tegen. Een kerstbal is eigenlijk een heksenbal,
ook weer om de boze geesten weg te houden. Rijke
mensen gaven met Kerstmis wat aan arme mensen en hun personeel kreeg
een pakje mee naar huis. Is dat ons huidige kerstpakket? Om bepaalde
dingen af te kopen?
Allemaal heidens dus!
Hervormde mensen hebben de duurste kerstboom en buitenkerkelijken
hebben er twee, volgens onderzoek.
Enige weerspreuken van december:
-Veel sneeuw op oudjaar, veel hooi in het nieuwe jaar.
-Zijn er eind december veel mollen, dan laat de winter met zich
sollen.
-December zacht en dikwijls regen, geeft weinig hoop op rijke zegen.
-December vol met mist, goud in de kist.
-Donder in decembermaand, belooft veel wind in ’t jaar aanstaand.
-Met de decembermaand is het jaar weer uit, gelukkig wiens balans goed
sluit.
Wat zeggen de dieren:
(in dit geval de kippen)
-De hanen, katten en honden,
zo
men dikwijls heeft gevonden.
Zeggen
het weer van dag tot dag,
nog
beter dan de almanak.
-De haan kraait vroeg in de morgen – mooi weer.
-De haan kraait overdag en ’s nachts – regen.
-De haan kraait hevig en klapwiekt daarbij – ook regen.
-Kraait de haan in ’t geheel niet meer,
dan
is hij dood of ligt in de goot.
-Als de hoenders kakelen lang en goed,
zal
het regenen in overvloed.
Algemene weerwijsheden:
-Regen uit het oosten duurt drie uur of drie dagen.
-Regen in de gaaste (graanhok), geld in de kaaste.
-Drie keer proesten is drie keer mooi weer.
INDEX
^ |
| | |